Veilig fietsen kan niet zonder meer veilige ruimte

Hoe breed moet een fietspad zijn? Volgens de gemeente moeten gewone fietspaden bij voorkeur minstens 2,50 meter breed zijn; en 2-richtingen-fietspaden 4,00 meter. Alleen als dat fysiek onmogelijk is, mag het smaller. Wij zelf kwamen in OEK 112 (april 2021) tot de slotsom dat het voor de veiligheid breder moet en dat het hoog tijd is voor een door onderzoek geactualiseerd beleidskader waarin duidelijk en eenduidig staat welke ruimte echte fietsers − sterk en zwak − nodig hebben om veilig te kunnen fietsen. Niet alleen op fietspaden, maar overal op straat.

Nieuw landelijk beleidskader (CROWCROW De naam CROW is oorspronkelijk een afkorting van Centrum voor Regelgeving en Onderzoek in de Grond-, Water- en Wegenbouw en de Verkeerstechniek. Die naam dekte de lading niet meer toen de organisatie steeds meer een kennisplatform werd. Daarom is CROW niet langer een afkorting, maar een eigennaam.)

In Amsterdam is het tot nu toe gebleven bij het vrijblijvende motto ‘meer ruimte’ en de afspraak dat fietsstraten met verkeer in één richting minimaal 4,5 meter breed zijn. Maar de CROW publiceerde in december 2023 een geactualiseerd beleidskader. Daarin staan twee verbeteringen. Ten eerste blijkt uit onderzoek dat fietsers een tweemaal zo grote afstand ten opzichte van de stoeprand nodig hebben als eerder werd aangenomen (geen halve maar een hele meter). En ten tweede wordt vastgesteld dat fietsers meer ‘slingerruimte’ nodig hebben: geen 25 maar 60 cm. Samengevat betekent dat dat een fietspad in de stad meer dan 3 meter breed moet zijn, wil iedereen daar veilig kunnen fietsen, zoals hieronder aangegeven.

Afbeelding van een tweerichting fietspad, maar de maatvoering geldt ook voor een éénrichting fietspad waarop fietsers elkaar veilig moeten kunnen inhalen.


Teleurstellend is wel dat de CROW opnieuw geen aandacht besteedt aan de ruimte die fietsers buiten fietspaden nodig hebben. Zoals in het in Amsterdam meest voorkomende straattype: met auto’s in één richting en fietsers in beide richtingen. Volgens onze op de CROW-normen gebaseerde berekening zou zo’n straat eigenlijk 6 meter breed moeten zijn (zie afbeelding hieronder uit OEK 112).

Schematische voorstelling van een éénrichting straat waar fietsers in de tegenrichting zijn toegestaan

Waarom zijn die straten dan toch veel smaller? De reden is niet per se ruimtegebrek (als is dat er vaak wel) maar de gedachte dat die krapte nodig is om auto’s te ontmoedigen fietsers in te (willen) halen. Maar wat als zo’n auto aandringt en de fietser inschikkelijk opzij gaat en zodoende beklemd raakt tussen auto en stoepband? En zo grote kans loopt op een zogenaamd eenzijdig ongeval wanneer hij de stoepband schampt, z’n balans verliest en dat door ruimtegebrek niet kan herstellen? En die situatie doet zich dubbel voor in straten waar fietsers in twee richtingen rijden: fietsers die voor een tegemoetkomende auto wel móeten uitwijken, en zodoende onvermijdelijk in gevaar komen. Dat kan toch niet de bedoeling zijn?

Te krappe quasi-fietsstraat Nieuwezijds Voorburgwal zonder ruimte voor een auto om een fietser in te halen

Wij zullen er bij de gemeente op blijven aandringen dat ze zich aanpassen aan de actuele landelijke normen voor werkelijk veilige fietsruimte.


Lees ook

Nieuwe deelvervoerplannen van de gemeente

De gemeente wil de komende jaren het aanbod van alle vormen van deelvervoer vergroten en beter spreiden over...

Passage Rijks 10 jaar open

Toen er meer dan 20 jaar geleden geld beschikbaar kwam voor een toekomst-bestendige vernieuwing van het Rijksmuseum, werd daarvoor...

Hoeveel ruimte hebben fietsers nodig?

Volgens de Ontwerpwijzer Fietsverkeer van de CROW kun je uitrekenen hoeveel ruimte fietsers nodig hebben om veilig te kunnen...