HomeHet Hoofdnet Fiets

Infrastructuur

Zo'n 35 jaar geleden koos Amsterdam voor het ontwikkelen van een fietsnetwerk met als doel:

“Het scheppen van een net van zo gestrekt mogelijke routes, waarop de fietser vanuit de woonwijken veilig en snel de voorzieningen en werkgelegenheids-concentraties kan bereiken”.
(Bron: verkeerscirculatieplan 1979)

Sindsdien is gestaag maar vasthoudend gewerkt tot wat er nu is: een goed doordacht en fijnmazig fietsnetwerk van veilige en prettige routes dat er voor zorgt dat in Amsterdam goed en veel gefietst kan worden, en wordt. Een netwerk dat bijna volledig gerealiseerd is en dat, op enkele (lastige) ontbrekende schakels na, af is. De gemeente zelf houdt het fietsnetwerk bij op een digitale kaart.

Hoofd- en plusnet fiets

Naast een hoofdnet fiets kent de gemeente ook een plusnet fiets (ook ingetekend op de digitale kaart). Dat zijn onderdelen van het hoofdnet waar fietsers in principe voorrang krijgen als ze andere verkeersdeelnemers kruisen zodat daar de doorstroming optimaal is. Dit principe wordt ook ingeregeld in de verkeerslichten, wat tot uitdrukking komt doordat fietsers er vaker en/of langer groenlicht hebben. In de praktijk blijkt het niet altijd makkelijk of mogelijk om die voorrang te verzilveren: als er bussen, trams of auto’s kruisen die op hun beurt op een OV- of auto-plusnet rijden, gaan die verkeerssoorten voor. 

Een aanhoudend aandachtspunt is het aanpassen van het fietsnetwerk wanneer zich in de stad wijzigingen voordoen, zoals door stadsontwikkeling of herontwikkeling van bestaande gebieden zoals Amstel, Amsterdam Noord of Westpoort.